Roep om een meer actieve aanpak van cryptovaluta

25-05-2018

Enige tijd geleden schreven wij over cryptocurrencies en het (ontbrekende) regulatoire kader daarvan. Kort na onze publicatie heeft de Minister van Financiën een brief aan de Tweede Kamer gezonden waarin hij aangaf dat het grensoverschrijdende karakter van cryptovaluta vraagt om een aanpak op internationaal niveau. De Minister is namelijk van mening dat nationale regels eenvoudig zullen kunnen worden ontweken en lastig kunnen worden gehandhaafd. Hij geeft daarbij wel aan dat hij op internationaal en Europees niveau een voortrekkersrol wil spelen als het gaat om de aanpak van cryptovaluta. Naast de Minister pleiten ook de AFM en DNB in hun wetgevingswensen voor een internationale aanpak met betrekking tot een regelgevend kader van cryptovaluta en initial coin offerings (“ICO’s”). In een reactie op deze wetgevingswensen heeft de Minister (opnieuw) bevestigd dat hij in afwachting van een internationale en Europese aanpak in overleg zal gaan met de AFM en DNB om te bezien wat op nationaal niveau de mogelijkheden zijn om binnen het bestaande regelgevende kader reeds handhavend op te treden en of wijzigingen binnen dit kader wenselijk zijn. Dit maakt duidelijk dat de Minister niet zoveel heil ziet in een nationaal regelgevend kader, maar dat hij op dit moment wel bereid is na te denken over een tussenoplossing.

Niettemin zal de Minister - vanwege de moties die afgelopen week zijn aangenomen - op nationaal niveau toch een meer actieve houding moeten aannemen met betrekking tot de aanpak van cryptovaluta. Deze actieve houding is al bij verschillende (Europese) landen zichtbaar. Denk bijvoorbeeld aan Duitsland waar een vergunningplicht geldt voor handels- en omwisselplatforms (wat zij baseren op huidige nationale regelgeving) of aan Zwitserland waar omwisselplatforms en custodian wallet providers aan anti witwasregelgeving moeten voldoen. Met het Zwitserse model wordt trouwens voorgesorteerd op de Wijziging van de Vierde Anti-Witwasrichtlijn (ook wel aangeduid als AMLD5), waardoor omwisselplatformen en custodian wallet holders onder het toepassingsbereik van de anti-witwasregelgeving zullen vallen.

Zoals hierboven al opgemerkt, zijn afgelopen week vier moties aangenomen met betrekking tot cryptovaluta en ICO’s. De moties lopen enigszins uiteen wat betreft onderwerpen. De motie van Ronnes en Bruins heeft betrekking op consumentenbescherming. Deze motie pleit voor overleg met de toezichthouders en consumentenorganisaties over de vraag hoe er bij consumenten een bredere bewustwording van de kansen en bedreigingen van cryptovaluta kan worden gecreëerd. In de motie van Paternotte en Van der Linde wordt aangegeven dat de leden van mening zijn dat ICO’s kunnen bijdragen aan het ondernemerschap en innovatie bij startende bedrijven die moeite hebben om regulier krediet te verkrijgen. Daarom wordt de regering verzocht te onderzoeken hoe het aantrekken van investeringen via de uitgifte van ICO’s kan worden gereguleerd en daarmee een kader te schetsen waarbinnen bedrijven en investeerders de mogelijkheden van ICO’s veilig kunnen benutten, terwijl misbruik en criminaliteit worden tegengegaan. De andere twee moties stellen voor om te onderzoeken in hoeverre de regelgevende modellen van andere landen, namelijk het Zwitserse model of de Japanse Virtual Currency Act een model kunnen zijn voor de Nederlandse regulering van cryptovaluta. Het Japanse model heeft de omwisselplatforms onderworpen aan een registratieplicht, regels met betrekking tot de bedrijfsvoering van deze platformen en anti-witwasregelgeving conform de Financial Action Task Force Recommendations. Daarnaast geldt een verbod voor buitenlandse omwisselplatforms van cryptovaluta om diensten aan te bieden aan Japanse ingezetenen. In de meeste moties is het verzoek opgenomen om het vierde kwartaal van 2018 te reageren op deze moties. De verwachting is dan ook dat de Minister eind dit jaar met een update zal komen.

Hoewel de Minister (en de toezichthouders) pleit(en) voor een internationale ofwel Europese aanpak van een regelgevend kader voor cryptovaluta en ICO’s, lijkt de Kamer toch van mening dat bij gebrek aan een dergelijk internationaal of Europees kader de nationale mogelijkheden actiever moeten worden onderzocht. Aan het einde van dit jaar zullen we erachter komen of de Minister door deze moties wellicht zijn aanpak van cryptovaluta en ICO’s op nationaal niveau (enigszins) zal bijstellen.

Dit is een Legal Update van Nellemarie Staal en Danielle Martens.

Download als pdf

Specialist(en)