Vaststelling van vergoedingsrecht na verbreking van een buitenhuwelijkse samenleving

01-09-2020

Voor het Tijdschrift Rechtspraak Familierecht (RFR), aflevering 9/10, jaargang 2020, schreef Karlijn Hageraats-Bouwens een artikel over een uitspraak van het Hof Den Bosch waarin door het Hof een stappenplan uiteen wordt gezet voor de mogelijkheden voor een beroep op een vergoedingsrecht door samenlevers. Het Hof stelt allereerst vast dat samenlevers geen beroep kunnen doen op de bepalingen in Boek 1 BW voor hun vermogensrechtelijke verhoudingen. Deze bepalingen gelden enkel voor gehuwden/geregistreerd partners. Ook het in art. 1:87 BW opgenomen vergoedingsrecht geldt hierdoor niet voor ongehuwde samenlevers. Indien samenlevers een aanspraak willen maken op een vergoedingsrecht kan (enkel) het algemene vermogensrecht hiervoor de helpende hand bieden. Hierdoor kan ongerechtvaardigde verrijking een optie zijn, evenals onverschuldigde betaling. Mochten deze opties geen soelaas bieden, kan de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid nog een uiterst redmiddel zijn.

Download in pdf

Specialist(en)