Verificatievergadering en renvooiprocedure

In de wet staat dat de rechter-commissaris binnen veertien dagen na faillietverklaring een dag moet bepalen waarop een verificatievergadering zal plaatsvinden (art. 108 Fw). In de praktijk is deze wetsbepaling een dode letter geworden. Niet in elk faillissement vindt namelijk een verificatievergadering plaats. Slechts wanneer na voldoening van de boedelschulden en preferente vorderingen voldoende actief resteert om ook aan de concurrente schuldeisers een uitkering te kunnen doen, wordt een verificatievergadering gehouden. In de meeste faillissementen is dit niet binnen veertien dagen vast te stellen. Op het niet naleven van deze wetsbepaling staat daarom ook geen sanctie.

Indienen van vorderingen

Nadat het faillissement is uitgesproken, zal de curator de schuldeisers aanschrijven met het verzoek om hun vorderingen bij hem in te dienen. Ook wanneer niet zeker is of de curator voldoende geld weet te verzamelen om aan een uitkering toe te komen, is het aan te raden om alle vorderingen bij de curator in te dienen. Hierbij dienen bewijsstukken te worden overgelegd. De rente en kosten die tot aan datum faillissement zijn gemaakt, kunnen ook deel uitmaken van de vordering. De curator zal de vorderingen beoordelen en deze voorlopig erkennen of betwisten. De voorlopige erkenning of betwisting heeft nog geen definitieve gevolgen; over de erkenning en betwisting wordt pas geoordeeld tijdens de verificatievergadering. De curator kan verschillende redenen hebben om een vordering van een schuldeiser te betwisten. Die betwisting kan onder meer gelegen zijn in het wel of niet bestaan van de vordering, de omvang kan betwist worden, en bijvoorbeeld ook als er discussie is over de soort vordering die de schuldeiser pretendeert te hebben.

Verificatievergadering

Indien gedurende het faillissement blijkt dat een uitkering aan de concurrente schuldeisers gedaan kan worden, wordt door de rechter-commissaris een datum voor de verificatievergadering bepaald. Een verificatievergadering dient ter vaststelling van de schulden van de gefailleerde om zo tot een (gedeeltelijke) uitkering aan de schuldeisers te kunnen komen. De bekende schuldeisers ontvangen een uitnodiging voor deze verificatievergadering alsmede een aanmaning om vorderingen, die nog niet zijn ingediend, binnen veertien dagen voor de vergadering alsnog in te dienen. Ook de schuldeisers van wie de vorderingen voorlopig worden betwist, ontvangen een uitnodiging. In sommige gevallen kan ook worden volstaan met een pro forma verificatievergadering, dit gebeurt meestal als alle vorderingen voorlopig zijn erkend. Een pro forma verificatievergadering is een verificatievergadering die niet fysiek, maar slechts op papier plaatsvindt. Daarbij worden alle schulden conform de voorlopige lijsten definitief geverifieerd.

Bij de (fysieke) verificatievergadering zijn de curator, de rechter-commissaris, de schuldeisers en (de bestuurders van) de failliet aanwezig. De verificatievergadering wordt voorgezeten door de rechter-commissaris. De schuldeisers worden in de gelegenheid gesteld vragen te stellen aan (de bestuurder van) de gefailleerde. Zijn aanwezigheid is dan ook verplicht. Ook de gefailleerde en de schuldeisers kunnen de ingediende vorderingen betwisten. Over betwiste vorderingen zal de rechter-commissaris proberen een schikking te treffen. Indien dit niet lukt, worden de partijen verwezen naar een renvooiprocedure.

Renvooiprocedure

De rechter-commissaris kan de curator en de schuldeiser verwijzen naar een rolzitting van de rechtbank om het geschil omtrent de betwiste vordering op te lossen. Dit heet een renvooiprocedure en deze procedure volgt in beginsel dezelfde regels als een dagvaardingsprocedure. Het is echter niet nodig dat een van de twee partijen de ander dagvaart.

De renvooiprocedure dient er niet toe de curator te veroordelen tot de betaling van de betwiste vordering, maar slechts tot het vaststellen van die vordering. Het is dan aan de rechtbank – in plaats van aan de curator – om de vordering van de schuldeiser te verifiëren. Wanneer de schuldeiser in het gelijk wordt gesteld, vormen de gemaakte proceskosten een boedelschuld in het faillissement.

Nadat over alle betwiste vorderingen, al dan niet in een renvooiprocedure, overeenstemming is bereikt, zal er een lijst van definitief erkende vorderingen worden opgesteld. Zodra de lijst met schuldvorderingen definitief is, wordt deze ter griffie neergelegd en ter inzage gelegd van eenieder. Belanghebbenden kunnen, indien zij zich niet met deze lijst kunnen verenigen, binnen 10 dagen verzet instellen bij de rechtbank. Nadat deze termijn is verstreken, is de uitdelingslijst definitief en zal de curator overgaan tot uitdeling.

Een schuldeiser met een vordering op de gefailleerde doet er verstandig aan zijn vordering zo spoedig mogelijk bij de curator in te dienen. Hoewel in de meeste faillissementen nog maar zelden wordt toegekomen aan een verificatievergadering, dient de schuldeiser wel bedacht te zijn op de termijnen die verbonden zijn aan het indienen van vorderingen of het aantekenen van verzet. Indien deze termijnen worden overschreden, vist de schuldeiser immers achter het net.

Heeft u vragen over dit onderwerp? Neemt u dan gerust contact op met Rhea Bask of Daniël Schuilwerve.

Download als pdf