×

Geen immateriële schadevergoeding voor onrechtmatig handelen Raad voor de Kinderbescherming

6 dec 2019

Home  »  Legal Updates  »  Geen immateriële schadevergoeding voor onrechtmatig handelen Raad voor de Kinderbescherming

Onrechtmatig handelen door de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: RvdK) jegens een moeder wegens het afgeven van een onzorgvuldige rapportage leidt niet tot immateriële schadevergoeding. Tot deze uitkomst kwam het Gerechtshof Den Haag in zijn uitspraak van 26 november 2019.

In de hoger beroep procedure verzocht de moeder wijziging van de hoofdverblijfplaats van haar zoon en wijziging van de omgangsregeling. Dergelijke verzoeken wordt slechts toegewezen indien deze – gezien de omstandigheden van het geval – in het belang van het kind zijn te achten. In dat kader werd de RvdK gevraagd onderzoek te verrichten naar het belang van het kind bij de verzochte wijzigingen. Naar aanleiding van dit onderzoek heeft de RvdK een raadsrapport in het geding gebracht. Naast dat een gezonde moeder-kind relatie werd geconstateerd, omvatte het rapport een advies aan de moeder om psychische hulp te zoeken in verband met de verwerking van gebeurtenissen uit het verleden. De reden voor deze verwijzing was echter niet nader gemotiveerd.

De moeder diende een klacht in bij de externe klachtencommissie over het optreden van de RvdK en meer specifiek over de inhoud van het rapport. Nadat de klachtencommissie een deel van de klachten gegrond verklaarde, besloot de RvdK om het rapport te rectificeren. De alinea met de geadviseerde hulpverlening aan de moeder werd geschrapt waarna het gerectificeerde rapport in de procedure werd ingebracht. Het Gerechtshof Amsterdam deed vervolgens uitspraak waarbij de beschikking in eerste aanleg werd bekrachtigd, voor zover daarin was bepaald dat de zoon zijn hoofdverblijfplaats bij de vader had. Er bestond geen enkele contra-indicatie dat de zoon het niet goed had bij zijn vader en het zou niet in zijn belang zijn om de structuur en continuïteit in zijn leven te doorbreken. Wat betreft de omgangsregeling werd door het hof een voor de moeder uitgebreidere omgangsregeling vastgesteld.

Door de moeder werd – na twee gegrond verklaarde tuchtklachten tegen de bij het raadsonderzoek betrokken deskundigen – een civiele procedure gestart tegen de RvdK. Zij vorderde een verklaring voor recht dat de RvdK aansprakelijk was voor alle door haar en haar zoon geleden en nog te lijden schade. Daarbij werd zowel voor de materiële schade als de immateriële schade een bedrag van € 65.000,- gevorderd. Het oordeel van de rechtbank luidde dat de RvdK de op hem rustende (hoge) zorgvuldigheidsnorm had geschonden door de conclusie over de psychische gesteldheid van de moeder onvoldoende te onderbouwen. Ten aanzien van de materiele schade werd een klein bedrag toegewezen voor de kosten voor het bestrijden van het oorspronkelijke rapport. Vergoeding van immateriële schade werd door de rechtbank afgewezen. 

In hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag spitste de zaak zich toe op de vraag of immateriële schadevergoeding moest worden toegekend. Op grond van artikel 6:106 lid 1 aanhef sub b BW kan voor immateriële schade een naar billijkheid vast te stellen vergoeding worden toegekend, indien de benadeelde lichamelijk letsel heeft opgelopen, in zijn eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in zijn persoon is aangetast. Van een schending in de eer of goede naam was volgens het hof geen sprake, waardoor resteerde de beoordeling of sprake was van een persoonsaantasting. Door de moeder was niet onderbouwd dat een in de psychiatrie erkend ziektebeeld was ontstaan, hetgeen naar vaste rechtspraak in beginsel is vereist voor het kwalificeren van een persoonsaantasting. Het feit dat de moeder in ‘slopende procedures’ verwikkeld was geraakt achtte het hof in dat kader onvoldoende. Derhalve komt ook in hoger beroep de vordering tot vergoeding van immateriële schade wegens onrechtmatig handelen door de RvdK niet voor toewijzing in aanmerking.

Dit is een Legal Update van Nikki Nuijten en Els van Bruggen.

Voor meer informatie:

Nikki Nuijten
+31 30 25 95 726
nikkinuijten@vbk.nl

Els van Bruggen
+31 30 25 95 624
elsvanbruggen@vbk.nl

Share This