)
Onlangs verschenen twee uitspraken over de vernietiging van een
arbitraal vonnis. In beide vernietigingsprocedures werden de omvang
van de vernietigingsprocedure en het toetsingskader behandeld.
Hoe dient te worden omgegaan met de regel van art. 1064 lid 5 Rv.
dat alle gronden tot vernietiging, op straffe van verval van het
recht daartoe, in de dagvaarding moeten worden voorgedragen? En,
wat is het toetsingskader bij de vernietigingsgronden van art. 1065
lid 1 aanhef onder c (schending van de opdracht door een
scheidsgerecht) en onder d (een niet met redenen omkleed vonnis)
Rv.?
Lees het hele artikel bij Actualiteiten
Bouwrecht van IBR