
Wanneer u een overeenkomst heeft gesloten, kunt u deze overeenkomst
in bepaalde gevallen vernietigen op grond van dwaling. De
vernietiging kan echter niet worden gegrond op een dwaling die een
uitsluitend toekomstige omstandigheid betreft. Misrekening in
uitsluitend toekomstige omstandigheden wordt dus niet beheerst door
het leerstuk van de dwaling, maar door het leerstuk van de
onvoorziene omstandigheden. In een recente uitspraak van de Hoge
Raad van 16 mei 2008 is vastgesteld dat voor een beroep op dwaling
wel plaats is als de toekomstverwachtingen gebaseerd waren op een
onjuiste voorstelling omtrent bij het sluiten van de overeenkomst
aanwezige omstandigheden.
Wanneer kunt u een overeenkomst op grond van dwaling
vernietigen?
Voor een beroep op dwaling is vereist dat een juiste voorstelling
van zaken moet hebben ontbroken ten tijde van het sluiten van de
overeenkomst en de overeenkomst in het geval van een juiste
voorstelling van zaken niet onder dezelfde voorwaarden tot stand
zou zijn gekomen. De dwaling moet zijn te wijten aan een inlichting
van de wederpartij die de onjuiste voorstelling van zaken heeft
veroorzaakt of aan -kort gezegd- een stilzwijgen terwijl spreken
plicht was. Het feit dat de inlichtingen volkomen te goeder trouw
zijn gegeven, staat aan een beroep op dwaling niet in de weg. Het
kan ook zijn dat beide partijen uitgaan van een onjuiste
voorstelling van zaken. Ook dat kan dwaling opleveren.
Het geval van misrekening in uitsluitend toekomstige omstandigheden
wordt niet beheerst door het leerstuk van de dwaling, maar door het
leerstuk van de onvoorziene omstandigheden.
Klik hier voor het hele artikel.