
Vereenvoudiging en flexibilisering. Dit waren sleutelwoorden toen
in november 2003 de Expertgroep Vereenvoudiging en Flexibilisering
van het BV-recht in het leven werd geroepen. De opdracht van de
Expertgroep was “aanbevelingen te doen met betrekking tot
knelpunten en lacunes in het BV-recht zoals deze in de praktijk en
de literatuur worden gesignaleerd.”
Het rapport van de Expertgroep maakt duidelijk dat zij
aanbevelingen heeft willen doen om te komen tot een
vereenvoudiging, flexibilisering en versoepeling van het BV-recht,
met behoud c.q. bevordering van rechtszekerheid.
De Expertgroep meent daarmee te voldoen aan een roep tot
heroverweging die al langere tijd klinkt.
De wens tot heroverweging van het BV-recht lijkt in het bijzonder
te zijn ingegeven door de constatering vanuit de rechtspraktijk dat
een aantal van de regels van dwingend recht hun doel voorbijschiet
en de BV als rechtsvorm voor in het bijzonder het midden- en
kleinbedrijf minder aantrekkelijk maakt. Het arrest van het
Europese Hof van Justitie van 30 september 2003 inzake Inspire Art
heeft grenzen gesteld aan de mogelijkheden om het gebruik van
buitenlandse rechtsvormen te beperken. Die buitenlandse
rechtsvormen zijn vaak eenvoudiger in het leven te roepen en in te
richten. Algemeen wordt daarom gevoeld dat het BV-recht op de schop
moet om de concurrentie aan te kunnen met die buitenlandse
rechtsvormen.
Een ambtelijk voorontwerp van het wetsvoorstel tot ‘wijziging van
Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in verband met de aanpassing van
de regeling voor besloten vennootschappen met beperkte
aansprakelijkheid’ was de volgende stap. Het is in drie tranches
verdeeld, waarvan inmiddels twee tranches zijn verschenen. De derde
tranche van het voorontwerp wordt eind maart 2006 verwacht. Naar
verwachting kan een wetsvoorstel waarin de drie verschillende delen
zijn samengevoegd in de zomer worden toegezonden aan de Raad van
State.
Klik hier voor het hele artikel.